Kraam- en jeugdgezondheid

Niet alle thuiszorgorganisaties bieden kraamzorg en jeugdgezondheidszorg. Van de ruim 150 thuiszorginstellingen biedt zeker de helft óf kraamzorg óf jeugdgezondheidszorg aan.

Kraamzorg
Bij kraamzorg begint het werk al enige tijd voor de bevalling. Twee maanden voor de uitgerekende bevallingsdatum komt een verpleegkundige langs om te bespreken hoe lang en op welke manier de ouders van kraamzorg gebruik willen maken. Ook de cursussen zwangerschapsgymnastiek maken onderdeel uit van de kraamzorg.

Als kraamverzorgende bied je verzorging aan moeder en kind, geef je instructies, advies en voorlichting, verricht je enkele huishoudelijke taken en draag je zorg voor de hygiëne. 

Voor- en nadat het kind geboren is, krijgen de (aanstaande) ouders en het kind verzorging, begeleiding en voorlichting van een verloskundige, kraamverzorgende en kraamverpleegkundige. Dit gebeurt bij de ouders thuis, voor de tijd die is afgesproken. Kraamzorg vindt voornamelijk overdag plaats.

Een bijzondere vorm van kraamzorg die nog maar op een aantal plaatsen in Nederland aangeboden wordt, is het kraamhotel. Dit is een locatie van een thuiszorgorganisatie waar moeders kunnen bevallen en kunnen bijkomen. Lekker rustig op een eigen kamer!

Jeugdgezondheidszorg
Bijna alle ouders van jonge kinderen kennen de jeugdgezondheidszorg van de bezoeken aan het consultatiebureau. Er zijn 1250 consultatiebureaus in Nederland.  Hiervoor zijn ongeveer 45 zorgorganisaties en zeven GGD's verantwoordelijk.  Er werken ongeveer duizend jeugdartsen en zo'n tweeduizend jeugdverpleegkundigen op de consultatiebureaus.

Bij deze bureaus kunnen ouders met kinderen van nul tot vier jaar overdag terecht voor een regelmatige check van de ontwikkeling van hun kind, voor vaccinaties en natuurlijk voor advies. 

Jeugdgezondheidszorg is preventieve gezondheidszorg. De artsen en verpleegkundigen van de JGZ volgen de gezondheid, groei en ontwikkeling van het kind op lichamelijk, psychisch en sociaal gebied. Zij geven voorlichting en advies aan ouders en kinderen over een gezonde ontwikkeling van het kind op al deze gebieden. Daarnaast signaleren zij (dreigende) stoornissen. Als het nodig is, zorgen ze voor een adequate behandeling of doorverwijzing.