Beroep Triagist

Wat ga je doen in dit beroep?

Als triagist werk je in een huisartsenpost (HAP) en ben je het eerste aanspreekpunt voor mensen die bellen en daarna langskomen. Patiënten komen op een HAP met klachten die niet tot de volgende (werk)dag kunnen wachten. Een huisartsenpost is namelijk open buiten de gewone werktijden van een huisarts. Je bent dus ‘s avonds, ‘s nachts en in het weekend werkzaam. 

Je beoordeelt de ernst van de klacht van de patiënt, dit heet triage. Er zijn twee soorten triage, namelijk telefonische en fysieke. Bij fysieke triage help je een patiënt aan de balie, bij telefonische triage aan de telefoon.

Wanneer je een patiënt aan de telefoon of aan de balie hebt, ga je bepalen wat de klacht is, hoeveel spoed dit heeft en wat een passend vervolgtraject is. Dit doe je met ondersteuning van de standaard voor triagisten (NTS). De standaard is bestemd voor triagisten, SEH-verpleegkundigen en centralisten op de meldkamers van de ambulancezorg. Zo is er een werkwijze voor alle triagisten die veilig en efficiënt is. De standaard bestaat uit vijf stappen:

1.    Bepalen of er een levensbedreiging is
Je gaat bepalen of de situatie levensbedreigend is. Dit doe je met de zogenoemde ABCDE-methode. De klacht met de meeste levensbedreiging wordt als eerste onderzocht.

2.    Kiezen van de ingangsklacht
Je bepaalt wat de precieze klacht is. Dit doe je door vragen te stellen over de symptomen die de patiënten ondervinden. Zodra je weet wat de symptomen van de patiënt zijn, bepaal je de klacht die daar bij past.

3.    Achterhalen spoed van de klacht
Het bepalen van de spoed van een klacht. Dit doe je door veel vragen aan de patiënt te stellen.

4.    Bepalen van vervolgacties 
Op basis van de diagnose die je hebt vastgesteld, bepaal je het vervolgtraject. Dit kan zijn het regelen van een consult op de HAP, het sturen van een ambulance, een huisbezoek van de huisarts plannen of zelf advies geven via de telefoon. 

5.    Advies geven en resultaat afstemmen met de patiënt
Je gaat de patiënt vertellen wat het mogelijke verloop van de klacht is en geeft daarbij aan wat de vervolgacties zijn.

Als triagist werk je nauw samen met het team van de huisartsenpost dat onder andere bestaat uit andere triagisten, huisartsen en ambulancechauffeurs. De triagist moet na het gesprek met de patiënt een vervolgtraject bepalen. Dit vervolgtraject communiceer je ook richting de andere zorgverleners, bijvoorbeeld via een intern communicatiesysteem.

Andere taken van een triagist zijn ook wel bloed afnemen, het maken van recepten, injecties geven, assisteren van de huisarts en het doen van urineonderzoek.