Opleiding

Doktersassistent

De opleiding Doktersassistent op MBO-niveau 4 leert je om de dokter veel werk uit handen te nemen, zodat die meer tijd heeft voor zijn spreekuur. Je leert om patiënten aan de balie en aan de telefoon te woord te staan. Welke vragen moet je aan de patiënt stellen om te kunnen beoordelen of er sprake is van een spoedgeval? Om dat goed te kunnen doen, moet je beschikken over voldoende medische kennis. Dat leer je in de opleiding. Ook leer je allerlei medisch-technische handelingen,  bijvoorbeeld injecteren, bloed afnemen, bloeddruk meten, urine nakijken en oren uitspuiten. 

Studeren voor doktersassistent

In de opleiding Doktersassistent krijg je algemene vakken, zoals Engels, rekenen en burgerschap. Daarnaast leer je over de taken die specifiek bij het beroep doktersassistent horen, zoals: 

  • triage: de hulpvraag van de patiënt in behandeling nemen, inschatten met hoeveel spoed een patiënt geholpen moet worden en de patiënt verwijzen naar de juiste zorgverlener.
  • voorlichting en advies geven.
  • zorgen voor een goede planning in de praktijk.
  • medisch-technische handelingen.
  • afhandelen van administratie.

Lees meer over de inhoud van de opleiding Doktersassistent

Als je studeert voor doktersassistent, zijn stages een belangrijk onderdeel van de opleiding. Volg je de beroepsbegeleidende leerweg (BBL), dan bestaat minimaal 60 procent van je studietijd uit stages. Tijdens de beroepsopleidende leerweg (BOL) besteed je minimaal 20 procent van je studietijd aan stages. 

Je kunt deze opleiding volgen aan diverse ROC’s

Werken als doktersassistent
Na de opleiding Doktersassistent ben je op veel werkplekken welkom. Bijvoorbeeld: in een huisartsenpraktijk, gezondheidscentrum, verpleeghuis of de jeugdgezondheidszorg. Of ga werken op de polikliniek van een ziekenhuis of bij een geneeskundige dienst. Wil je liever verder studeren aan een HBO-opleiding in de gezondheidszorg? Ook dat kan. Bekijk de mogelijkheden.