Opleiding Entree: Assistent Dienstverlening en Zorg niv. 1

Wat leer je?

Wat leer je?
Tijdens de opleiding Assistent Dienstverlening en Zorg leer je hoe je dienstverlenende taken uitvoert in verschillende sectoren: in zorg en welzijn, in een kapsalon, in de schoonmaakbranche, in de horeca of in de sport. Je leert de taken die horen bij de richting die je kiest.

Denk aan:
· schoonmaken en assisteren bij huishoudelijk werk, zoals boodschappen doen
· cliënten assisteren bij het eten
· de telefoon opnemen
· het vervangen van een kapotte lamp
· het verzorgen van de post
· het ontvangen van gasten of klanten
· kleine reparatie- en onderhoudsklusjes

Daarnaast is er aandacht voor vaardigheden als op tijd zijn, samenwerken, omgaan met gezag, omgaan met kritiek, werk plannen en afspraken maken en nakomen.

Basisdeel
Het basisdeel bestaat uit:
·  een algemene basis: vakken als taal, rekenen en burgerschap
·  een beroepsgerichte basis: je leert hoe je assisteert in de zorg

Profieldeel
Het profieldeel bestaat uit taken die horen bij de richting die je hebt gekozen. Kies je voor zorg en dienstverlening dan assisteer je bij de zorg aan mensen, zorg je ervoor dat ruimtes schoon zijn en ontvang je gasten of verwijs je ze door.

Verhouding theorie en praktijk
De beroepspraktijkvorming is een belangrijk onderdeel van de opleiding. Daarin doe je ervaring op en breng je in de praktijk wat je op school hebt geleerd. Tijdens de beroepsopleidende leerweg (BOL) besteed je zo'n 20% van je studietijd aan praktijk in de vorm van stages. Als je voor de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) kiest, ben je ongeveer 70% van de studietijd in de praktijk aan het leren.