Pensioen

Het ouderdomspensioen in Nederland bestaat uit de basisvoorziening AOW en een aanvullend pensioen. Na veertig jaar werken heb je doorgaans een pensioen van 70% van je gemiddelde inkomen opgebouwd, mits je geen pensioengat hebt omdat je te vaak van baan bent verwisseld.

Een goed pensioen
De meeste werkgevers in zorg en welzijn én ook in sport hebben geregeld dat werknemers hun pensioen opbouwen bij Pensioenfonds Zorg & Welzijn (PFZW, voorheen onderdeel van PGGM). Bij dit pensioenfonds kun je je oudedagsvoorziening zelf beïnvloeden. Zorg dus dat je je wensen en mogelijkheden kent, en regel het (tijdig) met je werkgever.
Werk je in een academisch ziekenhuis, dan is ABP het pensioenfonds waar je onder valt.

Sparen voor extra pensioen?
Dat is mogelijk met het persoonlijk pensioenplan. Je kunt hiervan gebruikmaken als aanvulling op de standaard pensioenregeling. Via dit persoonlijke plan kun je zelf sparen voor een extra pensioen, maar de kosten ook delen met je werkgever.

Minder werken... de gevolgen
Als je minder gaat werken, heeft dat niet alleen gevolgen voor je maandsalaris, maar ook voor je pensioenopbouw en -uitkering. Overleg daarom altijd met je werkgever wat de mogelijkheden zijn om je pensioen op het door jou gewenste peil te houden. PFZW biedt namelijk pakketten aan die het je werkgever gemakkelijk maken hieraan een financiële bijdrage te leveren. 

Een andere baan: wat dan?
Als je nieuw bent in zorg of welzijn en bij een werkgever vandaan komt die de pensioenen niet via PFZW regelde, kunnen je opgebouwde pensioenrechten worden meegenomen. Daaraan zijn bepaalde voorwaarden (rondom de dekkingsgraad) verbonden. Ook moet hiervoor het één en ander worden geregeld.

Ben je van plan om binnen de sector van baan te veranderen? In dat geval blijft PFZW voor je pensioen zorgen.

Zie ook:
www.pfzw.nl
www.abp.nl